U bent hier

Back to top

Instemmende reacties

h3. Adhesie, maar hoe nu verder.

In het laatste artikel gaat Kraan in op de algemene instemmende reacties

Er werden vele adhesie-betuigingen ontvangen. En velen eindigden met de vraag: Schuldbelijdenis? Ja, maar hoe dan verder?! Een ingenieur schrijft: ‘Als we nu eerlijk in staat zijn de verblinding der kerk van onze vorige generaties te erkennen, en wij de aard dezer verblinding dieper gaan beseffen, moet dit dan ook niet leiden tot de erkenning van de verblinding van deze generatie, dat we als gemeenteleden ons collectief onderworpen hebben aan de machten van deze wereld? In casu: geweld, bewapening, economische wetten als markteconomie, competitie enz. enz. ‘

Inderdaad, in die richting ligt ons inziens de beantwoording van de vraag: Hoe nu verder? Want het gaat maar niet om het kwijtraken van een aantal nare collectieve herinneringen zodat we ze nu als volk echt zouden kunnen vergeten. Het gaat, ook in de persoonlijke, genezing der herinneringen niet om vergeten maar om integreren. In de genezing (ook van collectieve) herinneringen kan ons verleden wel zijn negatieve lading verliezen. Maar juist zo mag het verleden, vanuit de vergeving, een rol spelen vandaag en morgen. Kan het onze inzichten en beslissingen, ons denken en handelen positief beïnvloeden.

We hebben hierboven over de dienst der verzoening gesproken. Dat moet uitlopen in een stuk nieuwe gehoorzaamheid en het overleg daarover. Anders is de hele zaak makkelijk te vrijblijvend.

Om maar een concreet punt te noemen: het onderwijs in de vaderlandse geschiedenis en kerkgeschiedenis op school kan dan helpen ook hedendaagse verblinding te genezen. Als in dat onderwijs zo wordt omgegaan met herinneringsbeelden, zonder haast religieus-heroïsche voorouderverering. Maar ook niet in een hoogmoedig neerzien op de verblinding van de vaderen die onze vaderen zijn. Eerder ootmoed om die verblinding. En dan ook dankbare gedachtenis van de daden der rechtvaardigen in onze volksgeschiedenis. Dan zal dat onderwijs inderdaad tot zegen zijn. Van een generatie die zich dan niet meer blindelings hoeft te laten meeslepen door de leuzen en machten van ‘het raam van deze tijd’.

h3. Hoe verloopt de dienst der verzoening in praktijk

Bij de instemmende reacties wordt vooral de vraag gesteld hoe kan zo’n dienst der verzoening verlopen? In het tweede artikel gaat Kraan hierop in

  • Een samenzijn toonzetten met een ‘Heer, erbarm u over ons allen’. Kyrieleis. En met een lofprijzing, dat Hij ons in zijn oneindige ontferming als zondaren voor zondaren tot deze dienst wil roepen. De hele toon: diepe verootmoediging.
  • In stilte een selectie van schuldbeladen beelden op ons laten inwerken, die representatief zijn voor de zaak die ons ter harte gaat. De Heilige Geest hierbij in ons laten werken, zodat de negatieve gevoelsladingen in zijn liefde worden opgelost. Zoals de genie teruggevonden mijnen of granaten van hun negatieve ladingen ontdoet.
  • De Here Jezus spreekt van een levenshuis, dat met bezemen gereinigd is van boze machten. Maar het mag niet leeg blijven staan, want dan keren de machten terug met zevenvoudig geweld. Het huis moet met de Heilige Geest worden gevuld. En zo stellen we ons namens de anderen helemaal open voor de inwoning van de Geest.
  • We vieren de gedachtenis der rechtvaardigen door concrete beelden uit hun leven en streven. Er staat prachtig in Openbaringen dat de Bruid van de Heer (de gemeente) zich mag bekleden met de rechtvaardige daden der Heiligen (19:8). We bekleden ons in onze bezoedelde jurken en pakken niet alleen met Jezus, maar door Hem ook met bijvoorbeeld Willem van Oranje, en met Nommensen, de apostel der Batakkers, en Scheurer, de liefdevolle pionier van de medische zending. En met ds. Hondius van Amsterdam (de stad van de Oost- en West-Indische Compagnie), die in 1674 als moedige enkeling in zijn boek ‘ Swart register van duysent sonden’ , tegen een zee van koloniale uitbuiting en wreedheid getuigde. Kortom, namen uit het verleden waarvoor wij in deze dienst der verzoening de Heer danken willen, omdat de gedachtenis der rechtvaardigen tot zegen is. (Spreuken 10:7).
  • Zo’n dienst der verzoening kan ons inziens het beste in het kader van een avondmaalsviering worden gehouden. De maaltijd des Heren wordt gevierd tegenover elke duistere macht, aan wie de dood des Heren wordt verkondigd totdat Hij komt. Vanuit zijn toekomst wordt heel het nog aanwezige verleden met heilshistorische opstandingskracht doordrongen. Aan deze tafel vieren wij, dat Hij onze vervloeking tot in het diepe verleden op zich genomen heeft, opdat Hij ons met zijn zegening vervullen zou, in heel onze historische werkelijkheid. Calvijn heeft van de doop gezegd: In elke doop vergeet God de oude wereld om een nieuwe wereld te scheppen. En dat geldt ook van het Avondmaal. Mits de gemeente Hem met een vaste intentie daaraan houdt.

Het uitvoeren van zo'n dienst kan als uitwerking hebben dat het gif uit het conflict verdwijnt.

In de oorlogstijd leerden we dat zelfs het aansteken van een lucifer bevriende vliegtuigen in het duister kon helpen. We ontsteken in zulk verzoening-vieren een licht, dat grote invloed kan hebben in de overwinning van het koninkrijk des lichts. We zouden eigenlijk op een nieuwe manier, ‘contemplatief’ de krant moeten gaan lezen, en naar de TV kijken. Al die negatieve beelden als rook laten vergaan in ons stil zijn tot God. Als waaierbijen, die aldoor met hun vleugels slaan, om in de korf te ventileren, de bedorven lucht te verdrijven en frisse lucht aangevoerd te krijgen. Zo’n viering van verzoening zou ook op de weg van kerkelijke vergaderingen kunnen liggen, als ons hele volk over een zaak in beroering is. Bijvoorbeeld inzake Ambon of inzake Zuid-Afrika en de moord op Biko. Met zulk een viering zou men bijvoorbeeld de uitzending van een delegatie naar de Zuid-Afrikaanse kerken kunnen beginnen.

Zou een synode maar moeilijk schuld belijden, omdat dit teveel als een erkennen van ongelijk wordt gezien? In de juridische sfeer? Daar moet dan wel zowat het hele kerkvolk van overtuigd zijn. Anders voelt men zich huichelaars.

Maar in de genezing der herinnering ligt dit anders. Als we in de zielszorg met iemand spreken die door zijn vader diep gewond en gefrustreerd is, dan hebben wij geen oordeel over die vader te vellen. Het gaat er helemaal niet om wie gelijk of ongelijk heeft. Het gaat er alleen maar om, dat de zielebindingen van die zoon onder de hand van de Heer worden gesteld ter genezing en bevrijding. Als de herinneringen genezen worden, kunnen vervolgens ook stappen ter verzoening en bevrijding worden ondernomen. Dan kan zo’n jongen, die zwaar verbitterd was over zijn vader, zelfs schuldbelijdenis doen over de wrok en de haat die zijn ziel hebben vergiftigd. Maar eerst moet het gif weg! En de zielszorger kan plaatsvervangend voor vader en zoon om die vergeving bidden.

Zo is het ook wel tussen Ambonezen en Nederlanders gebeurd. Er is wederzijds schuldbeleden. Maar dan was het gif al bezig te verdwijnen. Daarom behoeft de dienst der verzoening ook niet wederzijds te beginnen. Ze kan ook aanvangen met ons zelf!